bundel:

Van kop tot teen met Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera

Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera zijn ervan overtuigd dat je poëzie niet alleen met je hoofd, maar met je hele lichaam leest, met al je zintuigen en sensaties. Dat lichamelijke hebben ze heel letterlijk genomen: ieder gedicht is gekoppeld aan een lichaamsdeel. Aan de hand van inspirerende lees-, denk-, doe- en schrijf-invalshoeken en meer ga je op poëtische avontuur.

Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera selecteerden 30 gedichten  – die hen hebben geraakt – van Mischa Andriessen, Michel Bartosik, Bas Belleman, Gerda Blees, Hugo Claus, Christine D’haen, Arjen Duinker, Jan Engelman, Radna Fabias, Lies Van Gasse, Hélène Gelèns, Neusa Gomes, Marjolijn van Heemstra, Rozalie Hirs, Jotie T’Hooft, Liesbeth Lagemaat, Marije Langelaar, Delphine Lecompte, Lucebert, Tonnus Oosterhoff, Marieke Lucas Rijneveld, Alfred Schaffer, Gertrude Starink, Elisabeth Tonnard, M. Vasalis, Han van der Vegt, Anne Vegter, Peter Verhelst, Mieke van Zonneveld en B. Zwaal.

 

De bundel Van kop tot teen met Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera  is gericht op volwassenen en jongeren vanaf 14 jaar en bevat een boekenlegger met gedichten die Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera speciaal voor deze uitgave schreven.

 

Het boek is ontworpen door De Vormforensen, Graphic Anthropology.

 

 

publicaties

woorden

temmen

In de reeks woorden temmen delen dichters
hun persoonlijke ervaring met hun lievelingsgedichten
op een wijze die past bij zowel jongeren als volwassenen,
ervaren als startende poëzielezers én -schrijvers.
Daartoe vertalen zij hun kunde, kennis en hartstocht
in inspirerende en participatieve invalshoeken op poëzie.
Vorm en inhoud nodigen lezers én schrijvers uit
om met hart en hoofd ‘woorden te temmen’.
De reeks woorden temmen is ook geschikt
voor het onderwijs en poëzieworkshops.
Ieder gedicht wordt gekoppeld aan een aantal
poëzieanalytische termen, die op een
inspirerende manier worden uitgelegd.

 

Van kop tot teen

met Charlotte Van den Broeck 

en Jeroen Dera 

Na het succes van de bundel 24 uur in het licht van Kila&Babsie (op weg naar de vierde druk!) in de reeks woorden temmen, door Kila van der Starre en Babette Zijlstra, is op 11 september 2020 de bundel verschenen:

Van kop tot teen met Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera 

Boekpresentatie: Op vrijdag 11 september j.l. vond bij boekhandel Donner in Rotterdam de boekpresentatie plaats van de nieuwe bundel van Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera in de reeks woorden temmen:

Van kop tot teen met Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera 

Boekpresentatie met interview met de schrijvers

Miriam Piters, neerlandica en voormalig bestuurslid van Stichting Poetry International, heeft Dichter-Performer Charlotte Van den Broek en literatuurwetenschapper Jeroen Dera geïnterviewd ter gelegenheid van hun nieuwe boek: Van kop tot teen met Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera. Tevens was aanwezig literatuurwetenschapper Kila van der Starre, een van de schrijvers van de eerste bundel in de reeks woorden temmen, 24 uur in het licht van Kila&Babsie. Een uitgebreide samenvatting van het interview is te vinden onder acties en op www.neerlandistiek.nl.

auteurs:

Charlotte Van den Broeck & Jeroen Dera

Charlotte Van den Broeck (1991)

Charlotte Van den Broeck is dichter en performer. Ze studeerde Engelse en Duitse Letterkunde in Gent en volgde de opleiding Woordkunst aan het Koninklijk Conservatorium in Antwerpen. Ze ontving de Herman de Conick Debuutprijs voor Kameleon (2015) en Nachtroer werd bekroond met de driejaarlijkse Paul Snoekprijs. Eerder publiceerde ze in het Liegende Konijn en in de Revisor. Verder staat ze graag en veel op een podium, van bruine cafétogen tot literaire festivals en heeft ze als performing poet al de nodige naam gemaakt. Zo stond ze bij het verschijnen van haar debuut al meteen in de line up voor Saint Amour 2015, en opende ze in 2016, als jongste gastlandspreker ooit, de Frankfurter Buchmesse. In 2019 verscheen haar succesvolle prozadebuut Waagstukken, over architectuur en zelfmoord. Dit boek werd bekroond met de Confituur Boekhandelsprijs 2020 en staat momenteel op de shortlist Boekenbon Literatuurprijs 2020.

 

Jeroen Dera (1986)

Jeroen Dera is literatuurwetenschapper en poëziecriticus. Hij promoveerde met het proefschrift Sprekend kritiek over literatuurprogramma’s in de vroege jaren van de Nederlandse televisie en radio. Hij schrijft over poëzie in De Standaard en is kernredacteur van Dietsche Warande & Belfort. Hij stelde de essaybundels Dichters van het nieuwe millennium(2016) en Bundels van het nieuwe millennium(2018) samen en werkt momenteel aan zijn boek Poëzie als alternatief, over Nederlandse dichtkunst in de eenentwintigste eeuw. Aan de Radboud Universiteit Nijmegen werkt hij als lerarenopleider en onderzoeker, onder andere op het gebied van hedendaags literatuuronderwijs. In dat kader publiceerde hij De praktijk van de leeslijst, over het leesgedrag van Nederlandse scholieren. Meer informatie: http://jeroendera.nl/

 

woorden temmen

 

 

recensies

Marc Van Oostendorp schreef op Neerlandistiek:

Gedichten lezen met alles wat je in en aan je hebt

‘Van kop tot teen is precies de juiste titel voor een boekje over dit onderwerp. Aan de hand van dertig vooral 21e-eeuwse gedichten – lievelingsgedichten van de samenstellers Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera – leert de lezer dat je op allerlei manieren naar gedichten kunt kijken: met je kop of tot in je tenen’.

‘Naar aanleiding van een gedicht van Peter Verhelst schrijft Van den Broeck bijvoorbeeld’:

‘Als ik dit gedicht van Peter Verhelst lees, lijkt de lucht iets dunner te worden. Ik kan het niet anders omschrijven, er ontstaat een spanning, een trilling in en rond me. Het is een fysieke sensatie, een voelbare beleving van taal’.

‘Vervolgens krijgt de lezer in kleine blokjes aanwijzingen over hoe je het gedicht kunt lezen (‘Kun je het idee dat je dit gedicht moet begrijpen achterwege laten en het gedicht lezen als een verzameling van verschillende indrukken?’), erover na te denken (‘Verhelst laat verschillende tijdvakken naast elkaar bestaan en door elkaar lopen. Slaagt hij erin om het verleden voelbaar te maken?’), er zelf iets mee te doen (‘Wat is het eerste dat je je kunt herinneren? Waar ben je?’), er zelf over te schrijven (‘Neem een blad papier en schrijf gedurende vijf minuten alles op dat in je opkomt’), en er meer over te weten te komen (‘In 1957 schreef de Franse filosoof en schrijver Gaston Bachelard (1884-1962) zijn meesterlijke studie over (poëtische) verbeeldingskracht La poétique de l’espace)’.

Fris

‘Je wordt zo als lezer van Woorden temmen ertoe aangespoord om zo’n gedicht niet alleen te lezen met de paniek van de wedstrijdsudokuspeler, maar met alles wat je in je hebt’.

Marie-José Klaver schreef op Tzum een recensie:

Hoogleraar neerlandistiek Marc van Oostendorp schreef over Woorden temmen 1 (2018) dat iedere Nederlandse scholier het cadeau zou moeten krijgen. Dat geldt ook voor Van kop tot teen. De boeken zijn ook geschikt voor volwassen lezers, die (meer) gedichten willen lezen en misschien zelf wel eens een (beter) gedicht willen schrijven. Bij elk gedicht staan opdrachten en is een pagina leeg gelaten voor eigen schrijfwerk.

Niks doen, behalve lezen, is natuurlijk ook prima. Kies gewoon een gedicht, lees en geniet. De inhoudsopgave, vormgegeven als een dna-streng, maakt kiezen eenvoudig. De thema’s zijn vetgedrukt en de naam van de dichter en de titel van het gedicht staan er in een iets kleiner lettertype onder. Wie kiest voor wijsvinger, komt uit bij het gedicht ‘Er is genoeg’ van Peter Verhelst waarin een wijsvinger door een spiegel steekt om een verliefdheid terug te halen. Van den Broeck leidt het gedicht in. Ze vertelt over haar persoonlijke leeservaring. Door het lezen van dit gedicht ‘ontstaat een spanning, een trilling in en rond me’. De taal van Verhelst veroorzaakt bij Van den Broeck een ‘fysieke sensatie’. Over het huiveringwekkende gedicht ‘Winterlake’ van Mischa Andriessen schrijft Dera dat hij het ‘keer op keer’ koud krijgt als hij het leest. ‘Graag verlossing’ van Gerda Blees greep een zaal van 200 mensen bij de keel toen Dera het voorlas. Dat poëzie je ook kan raken op een niet-talige manier is de boodschap van de bundel.

Bas Aghina schreef bij de Leesclub van Alles:

Verfrissend, gedegen en veelzijdig poëzie lees-, leer en doe-boek *****

Poëzie vergt – en dat geldt voor poëten én genieters – behalve talent ook aandacht, ijver en studie en een “smaakklik” tussen lezer/lezers en gedicht. Tot op zekere hoogte kun je smaak voeden door meer kennis van bijvoorbeeld de gedichtstructuur, het bonte spel der tegenstellingen, verbale, semantische en muzikale elementen. Er kan meer begrip en zelfs bewondering ontstaan voor de opbouw, werking en achtergronden van een gedicht en de dichter die erin doorklinkt. Maar uiteindelijk is het ook een kwestie van verwantschap tussen poëten en genieters of zelfs – zo je wilt – het lot. Het blijft een persoonlijk, bijna een intiem proces tussen lezer/lezers, gedicht, moment van de dag en zoiets als de stand van ieders ster. Zouden we misschien wel kunnen zeggen dat geslaagde poëzie, als daad en ervaring, samenvalt met een van haar meeste gebezigde onderwerpen, de liefde?

Als we hier van uit zouden gaan, dan moeten we ervoor zorgen dat deze liefde niet overwaait als een bevlieging, maar kan uitgroeien tot een geslaagde relatie die iedereen rijker maakt. En hierbij kan goede opvoeding en scholing in de poëzie zeker helpen. Op dit gebied is een nieuwe aantrekkelijke loot aan de kennisboom verschenen: de bundel Van kop tot teen met Charlotte Van den Broeck en Jeroen Dera in de reeks “woorden temmen” van uitgeverij grange fontaine, de opvolger van het succesvolle poëzieboek voor elfjarigen 24 uur in het licht van Kila&Babsie uit 2018.

Opnieuw verrast deze uitgeverij met een verfrissend, gedegen en veelzijdig poëzie lees-, leer en doe-boek. Met 30 vooral recente en soms fonkelnieuwe gedichten elk over een ander deel van het menselijk lichaam passeren Nederlandse en Vlaamse dichters en dichteressen de revue, zoals Lucebert, Radna Fabias, Hugo Claus, Marieke Lucas Rijneveld (jawel, winnares van de Booker International Prize), Delphine Lecompte en Bas Belleman. Zinnen als “Alles gaat goed met me/er is genoeg voor maanden” van Peter Verhelst of de klassieke Vasalis’ zin “Ik droomde dat ik langzaam leefde…/langzamer dan de oudste steen.” (beginzin van Tijd), springen je van de pagina’s tegemoet. Niet alleen zeer kundig, maar vooral ook persoonlijk toegelicht door Van den Broeck en Dera met de nodige theoretische achtergronden voor wie bijvoorbeeld meer wil weten over parlando of hoe het gedicht Ring van Christine D’haen een antwoord is op Elsschots klassieke gedicht Het Huwelijk. Nog leuker wordt het als je de oefeningen gaat doen: zelf met ogen dicht opschrijven bijvoorbeeld – ieder gedicht heeft een lege pagina om zelf te gebruiken – wat je allemaal kunt horen of de Dr. Pennebaker-methode van vrij schrijven uitproberen. Na zo’n oefening is de vraag natuurlijk wel of je het beetje goed doet; voor een antwoord hierop wellicht toch een cursus bij de auteurs gaan volgen … Het is in ieder geval duidelijk waarom deze bundel in scholen en universiteiten gebruikt wordt.

Wouter van Heiningen schreef op zijn blog zichtbaar alleen:

‘De samenstellers hebben aan de hand van verschillende delen van het lichaam gedichten gezocht die op de een of andere manier bij dit lichaamsdeel aansluiten of passen. Ook deze keuze maakt het lezen van het boek tot een avontuur. Ik merkte bij mezelf dat ik bij elk gedicht meteen op zoek ging naar de relatie tussen het lichaamsdeel en de inhoud van het gedicht. Op zo’n manier wordt het lezen van een boek een reis die je gaat maken waarvan je weet dat ie steeds opnieuw uitdagingen biedt, verrassingen in petto heeft en je goeie zin geeft om door te lezen. Allemaal ingrediënten die dit, alweer, tot een essentieel boek over poëzie maakt’.

‘Tot slot mijn conclusie. Als je denkt dat je met deel 1 genoeg stof hebt om nog jaren op voort te kunnen borduren als docent dan zou dat waar kunnen zijn. Tenslotte krijg je elk jaar nieuwe leerlingen voor wie deze vorm van poëzie-onderwijs nieuw is. Als je het voor je zelf leuk en interessant wil houden dan is de aankoop van deel 2 bijna een voorwaarde. Na het lezen van deel 1 dacht ik dat dit hét boek was waarmee het poëzie-onderwijs ‘gered’ was. Nu weet ik dat dit alleen maar een richting heeft gegeven, een weg is ingeslagen die steeds opnieuw kansen ziet en beidt. Op naar deel 3 zou ik zeggen maar eerst deel 2 aanschaffen en met heel veel plezier gaan lezen en gebruiken’.

John Jansen van Galen is enthousiast in het radioprogramma 'Met het oog op morgen':

‘De lezer wordt met meer kennis, meer berip en meer besef van het gedicht geleid naar poëtische zelfwerkzaamheid…..En eerlijk gezegd, zo’n leidraad in poëzie heb zelfs ik, als ervaren poëzielezer nog steeds wel eens nodig’.

De uitzending van 4 oktober 2020, vanaf 44:18 is hieronder te beluisteren:

Joep van Ruiten schreef in Dagblad van het Noorden: Poëzie, zo moeilijk nie

‘Van kop tot teen is een origineel poëzie lees- en doe-boek, met een bijzondere vormgeving, een bijpassende boekenlegger en gedurfd gekozen gedichten (afstand bewaren van B. Zwaal)’. 

Frank Verhallen schreef op zijn blog Gedicht gedacht:

‘Ik zou het al geweldig vinden als iedere docent Nederlands het aangereikt zou krijgen en er in zijn lessen gebruik van zou maken’.

Schrijven online schreef:

‘Dit een van de vijf boeken die je een geweldige dichter maken’.

publicaties

woorden

temmen

bundel:

24 uur in het licht van Kila&Babsie

in de reeks

 woorden

temmen

Het boek 24 uur in het licht van Kila&Babsie is de eerste bundel – op weg naar de vierde druk(!) – in de reeks woorden temmen.

Het boek bevat gedichten van: Rodaan Al Galidi, C. Buddingh’, Daniël Dee, J.A. Deelder,  Hans Faverey, Vicky Francken, Hélène Gelèns, Eva Gerlach, Judith Herzberg, Ingmar Heytze, Adriaan Jaeggi, Tjitske Jansen, Rutger Kopland, Delphine Lecompte, A. Marja, Lieke Marsman, Paul van Ostaijen, Paul Rodenko, Annie M.G. Schmidt, Martijn Teerlinck, Charlotte Van den Broeck, Maud Vanhauwaert en Kira Wuck.

Die gedichten zijn gecombineerd met speelse lees-, denk-, doe- en schrijf-invalshoeken. Kila&Babsie hebben elk gedicht in de bundel gekoppeld aan een tijdstip en een locatie, zodat de lezer elk moment, waar dan ook, met poëzie aan de slag kan.

Het boek is ontworpen door De Vormforensen, Graphic Anthropology.

auteurs:

Kila&Babsie

Kila van der Starre (1988) en Babette Zijlstra (1988) vormen samen het dichtersduo Kila&Babsie.

woorden temmen

recensies

Janita Monna schreef in Trouw:

Een jaar of wat terug vroeg een bevriende docente Nederlands me of ik niet een paar poëzielessen bij haar in de klas kon geven. Ze hield erg van literatuur en voor romans en verhalen nam ze ruim de tijd, maar gedichten? Daar waagde ze zich liever niet aan. Ze was niet de enige met koudwatervrees voor poëzie. Ik hoor het vaker: gedichten zijn moeilijk en zelfs een beetje eng. Niet waar. Maar een handreiking kan soms helpen. Onlangs verscheen bijvoorbeeld ‘Woorden temmen’, samengesteld door Kila&Babsie. […] Ze bieden allerlei schrijfoefeningen: van een brief met een betekenis- volle witregel tot een gedicht met tegenstellingen over een onbekende stad. Niet altijd even makkelijk, een goed enjambement heb je niet meteen in de vingers, maar een beetje docent die met het boekje aan de slag gaat, kan ongetwijfeld inschatten wat zijn of haar leerlingen kunnen. Dat is zo aardig aan ‘Woorden temmen’: door die uiteenlopende keus van gedichten en de variatie in de verwerkingsopdrachten, is het voor heel veel leeftijden geschikt. Een gedicht verknippen en met de woorden iets nieuws maken, is voor jongere kinderen leuk. En ouders kunnen de post van school tot een mooie ready made herschrijven. C. Buddingh’ ging hen voor.

Teunis Bunt schreef op zijn website Bunt Blogt:

Woorden temmen is een mooi boekje, qua inhoud en qua vorm. Licht en toch serieus, degelijk en enthousiasmerend, laagdrempelig maar niet simpel. Koop het!

Marc van Oostendorp schreef op Neerlandistiek.nl een recensie:

Dit is een boekje dat je aan iedere Nederlandse scholier zou moeten uitreiken.

Peter le Nobel schreef op De Nationale Boekenblog:

Er zijn veel boeken over het schrijven van poëzie geschreven, maar het boek ‘Woorden temmen’ van het dichtersduo Kila&Babsie is echt onderscheidend. Op een originele manier komen beginnende én ervaren dichters in aanraking met manieren om een origineel gedicht te schrijven en leren ze en passant belangrijke terminologieën en technieken.

Wouter van Heiningen schreef op zijn blog Zichtbaar alleen :

Het is alsof Kila&Basbsie mijn lievelingsboek hebben geschreven voordat ik met dit blog begon. […] Dit is het boek dat elke docent Nederlands in zijn of haar kast zou moeten hebben staan. Als je de jeugd bekend wil maken met poëzie op een speelse, verrassende, intelligente en moderne manier dan hoef je alleen maar de voorbeelden uit dit boek te volgen.

Dieuwertje Mertens schreef op haar blog:

De educatieve werkvormen en de uitleg bij de gedichten maken het doe-boek erg geschikt voor het voortgezet (en hoger) onderwijs, maar ook voor wantrouwende/sceptische/enthousiaste en ongeïnteresseerde poëzielezers, is Woorden temmen een aanrader. Ik kan mij slechtere manier indenken om bijvoorbeeld een lange autorit naar het zuiden door te komen. Ook in de auto kun je testen hoe een gedicht aan het open raam klinkt.

Frauke Pauwels schreef op Mappa Libri onder andere:

Sommige leerkrachten Nederlands hoorde ik wel eens verzuchten (ja, helaas) dat ze maar liever geen poëzie doceerden, omdat ze er zich geen raad mee wisten. Dat mag voortaan geen excuus meer zijn. Voor niemand. En koopt u vooral meteen twee exemplaren: één om zelf in te verdwalen, en één om iemand de vele wegen naar (liefde voor) poëzie te wijzen.

Maarten Buser recenseerde het boek voor Literair Nederland en schreef:

Wat interessant is aan Woorden temmen, is dat Kila&Babsie een draai geven aan de ongeschreven regel dat een goed boek over poëzie schrijven in de eerste plaats een goed boek over poëzie lézen is. Ze laten de lezers namelijk zelf gedichten schrijven, met aanwijzingen als: ‘Hoe vertel jij jouw gênante moment na? […]  Wat deden andere personen tijdens jouw gênante moment?’  […] De lezer wordt niet alleen aan het denken gezet, maar per gedicht houden ze ruimte open zodat je zelf in woorden temmen kunt schrijven.

Harm Jagerman schreef op The Ministry of Poetry Affairs NL een recensie:

Dit is meer dan een dichtbundel. Het een van de werken die niet in de boekenkast mag ontbreken van iedere liefhebber van poëzie of van iedere dichter (beginner of gevorderd).

Tara Neplenbroek publiceerde op Tzum:

Kila en Babsie weten moeiteloos te schakelen tussen poëtische genres en tussen het aanspreken van de beginnende en een meer ervaren lezer, en daarin zit de kracht van Woorden temmen. Zo maken ze poëzie toegankelijk voor een breed publiek: niet doordat ze een versimpelde voorstelling van poëzie geven, maar doordat ze het niet schuwen om een helder handvat te bieden om de lezer de subtiliteiten van poëzie te laten ervaren. Het blijkt dat niet enkel de aflevering uit je jeugd sneller voorbij is dan je dacht: voor je er erg in hebt zijn de 24 uur voorbij. Waren het er maar 168, want het had gerust een week mogen duren.

Clary Ravesloot schreef voor Levende Talen Magazine een recensie, met onder andere de opmerking

De frisse manier waarop Kila & Babsie een en ander uitleggen kan docenten in elk geval op goede ideeën brengen als ze de stof anders dan gebruikelijk willen presenteren: de dactylus (BROC-col-li) klinkt als een wals: dat kun je met een passend stukje muziek aan leerlingen laten horen! Ook voor het laten schrijven van poëzie in de klas biedt het bundeltje in elk geval meer dan twee handen vol aantrekkelijke ideeën.

Jan van Coillie schreef in Poëziekrant 42.5 onder andere:

Op een vanzelfsprekende manier verruimen ze zo de poëziehorizon van de lezer.

Michelle van Dijk schreef op haar blog:

[L]aatst was ik bij een poëzieworkshop van Kila & Babsie en zij hadden dit effect op mij: verdomme, ik schrijf het op in een gedicht! Ik las hun boek Woorden temmen en ik wilde meer: meer poëzie lezen, zelf ook gaan schrijven. In de eerste plaats dus alle eer voor Kila & Babsie voor alleen al dit effect. […] [H]et leuke aan Woorden temmen is 1. dat de opdrachten laagdrempelig zijn, dus niet alleen geschikt voor klassieke analyse door vwo-leerlingen; en 2. dat je ook geprikkeld wordt om zelf te schrijven, dankzij kleine vragen.

Theetante in Boekenland schreef een recensie:

Dit boekje bevat 24 gedichten oud, jong en piepjong. Dat betekent in een mensenleven: elk uur een streepje poëzie. Een gedicht dat past bij het moment of bij de plek waar je je bevindt (de straat, het bed, de bus…) En dus per uur even ertussenuit en wat woorden proeven, heerlijk!

D.J. Hoenink schreef voor NBD Biblion een recensie:

Verrassend vormgegeven boek: eigenwijs schuin afgesneden, bijna een ruitvorm. De inhoud is al even eigenzinnig: aan de hand van 24 gedichten van onder meer moderne dichters (Tjitske Jansen, Rodaan al Galidi, Kira Wuck e.v.a.) zijn er enorm veel suggesties om over poëzie na te denken, er iets over te leren en er vooral ook iets mee te doen. Elk gedicht is gekoppeld aan een tijdstip en een locatie, zodat je ‘elk moment met poëzie bezig kunt zijn’. De rechterpagina’s zijn steeds vrijwel blanco (met blauwe stippeltjes), voor die eigen probeersels. Ook zijn er veel verwijzingen naar anderen gedichten en bundels, die meestal op internet te vinden zijn. De auteurs Kila en Babsie (beiden 1988) zijn zelf dichter/performer. Hun keuze van dichters en gedichten is verrassend, en voor veel leeftijden geschikt. Kinderen kunnen er ook zeker wat mee. Sommige gedichten zullen qua inhoud volstrekt aan hen voorbij gaan, maar dan is er met de verwerkingssuggesties wel weer zo veel te doen dat het toch kan aanspreken. En het is ook een aanrader voor elke docent Nederlands! Voor de bijzondere vormgeving zijn de steunkleuren blauw en rood gebruikt. Vanaf ca. 11 t/m 15 jaar.

Ted van Lieshout blogde :

Woorden temmen is een mooi, toegewijd en gedegen boekwerk van Kila van der Starre en Babette Zijlstra,opererend onder de auteursnaam Kila&Babsie. Het merkwaardig uitgesneden en opvallend vormgegeven boek is bedoeld om mensen van middelbare schoolleeftijd warm te maken voor poëzie. De auteurs gaan de uitleg van moeilijke woorden niet uit de weg en hebben opdrachten verdeeld in lees-, doe- en denkcategorieen.

Ton Bastings schreef voor Beter Onderwijs Nederland :

Intensief lezen en zelf poëzie schrijven zijn de uitgangspunten van Woorden temmen, een nieuwe en originele lesmethode voor het onderwijs door Zijlstra en Van der Starre. De methode is gebaseerd op een eenvoudige uitleg van poëticale begrippen en zet vervolgens door associaties en woordvelden aan tot het zelf werken met poëzie en het interpreteren van gedichten. De uitleg en interpretatie is nergens dwingend en laat veel ruimte voor eigen inbreng.

Peter Vermaat schreef in Fransciscaans leven:

Aan de hand van 24 gedichten, één voor elk uur van de dag en steeds te lezen op een andere plek, proberen ze jeugdige lezers en nieuwkomers, maar ook ervaren poëzielezers in te leiden in de wereld van de poëzie. Ze laten zien hoe je gedichten kunt lezen, hoe je erover kunt nadenken, welke vragen gedichten oproepen, wat je er zoal mee kunt doen en op welke wijze poëzie je kan aanzetten om zelf gedichten te gaan schrijven. Er komen veel oefeningen voor in deze mooie en rijke bundel. Oefeningen die mij uitnodigden om een aantal ervan aan het slot van dit artikel toe te passen op een van de oudste gedichten uit de Italiaanse literatuur: Audite, poverelle.

Karine Hoenderdos schreef in Flow Magazine:

“Woorden temmen” van Kila van der Starre en haar collega Babette Zijlstra. Aan de hand van 24 van hun lievelingsgedichten krijg je oefeningen om gedichten beter te begrijpen en inspiratie om zelf gedichten te schrijven.

M.evalia schreef een korte bespreking:

Woorden Temmen is een heerlijk lees-doe- en denkboek met gedichten, inspiratie en feiten. Een boek dat je veel vragen stelt en je aan het werk zet. Een walhalla voor alle poëziefans, schrijvers en dichters. Maar ook als je niet een grote poëzie-fan bent, kun je iets nieuws leren en de mogelijkheden van taal ontdekken.

Henk Jongsma koos op AllesoverTaal de bundel 24 uur in het licht van Kila&Babsie in de reeks woorden temmen als ‘Taalboek van de maand’ en schreef:

Een prachtig boek, kortom, dat wat mij betreft de doelstelling (kinderen, jongeren en volwassenen op een toegankelijke en onconventionele manier met hart en hoofd laten participeren in cultuur) ruimschoots heeft gehaald.

Jeroen Dera publiceerde in het Levende Talen Magazine een artikel over poëzieonderwijs en haalde het boek aan als een voorbeeld van hoe het wél moet:

In het recente ‘poeziedoeboek’ van het dichtersduo Kila&Babsie worden leerlingen naar aanleiding van Rodaan Al Galidi’s apostrof tot een pak vla naar hun eigen koelkast gestuurd: ‘Welk ding in de koelkast spreekt je het meest aan? Waarom? Wat zou je tegen het ding zeggen als je het zou aanspreken?’ (Kila&Babsie, 2018). In beide voorbeelden worden de ervaring en interpretatie van het gedicht expliciet gekoppeld aan de leef- en belevingswereld van leerlingen. […] Wat zulke projecten in zeer positieve zin onderscheidt van een lesmethode als Laagland, is dat ze zelden tot nooit het idee wekken dat een gedicht een kluis is die je met de juiste cijfercombinatie kunt openen.

Annelies Vermeulen maakte voor haar blog Allihoppa prachtige foto’s van het boek en schreef in een recensie:

Mijn interesse voor poëzie is dus door dit boek gewekt. […] Bovendien heb ik door dit boek een heel aantal dichters ontdekt, van wiens bestaan ik anders niet had af geweten, waarvan ik zeker meer ga lezen. Een aanrader dus dit boek.

Renzo Verwer schreef op zijn blog over het boek:

Kila Van der Starre en Babette Zijlstra (Babsie) zijn wild van woorden en poëzie. Ze leggen begrippen als metrum, witregels en grenzen van de lyriek uit, maar zijn daarbij zelden saai. Centraal staan namelijk de gedichten zelf en hun persoonlijke ervaring daarbij. Zo vertellen ze, naar aanleiding van gedichten over liefdesverdriet, ruzies, verliefheden en ellende.

Taalluister publiceerde een recensie en schreef onder andere:

Zoals iedere klusser minimaal een hamer en een schroevedraaier in de gereedschapskist heeft zitten zou iedereen die van gedichten houdt, geholpen zijn met het bezit van dit boekje. Het boekje dat veel meer de gereedschapskist is dan de hamer of een schroevedraaier. Na het lezen van de bundel ‘Woorden temmen’ meen ik heus dat Kila&Babsie als duo roos heeft getroffen. Een plezierig boekje als een oneindig college in liefhebberij en liefde voor poëzie.

Op Facebook voegde Taalluister nog toe:

Echt een heel leuk boek voor schrijvers en lezers van poëzie. Leesbaar, leerzaam en uiterst levendig heeft het bovendien de potentie de eerstkomende jaren een leidende positie op het gebied van poëzie-educatie in te nemen.

Diet Groothuis blogde:

Origineel, grappig, prachtig vormgegeven en buitengewoon bruikbaar bij het voorbereiden van een poëzieles.

Eric van Loo schreef op Meander:

Het boek is met een aanstekelijk enthousiasme geschreven. Elk gedicht mondt uit in schrijfopdrachten, soms voorbereid met hele concrete doe-opdrachten, zoals het eerder genoemde zoeken naar geschreven woorden in je directe omgeving. Dat maakt het tot een uitstekend boek voor de Nederlandse les.

Marja Pruis, Joost de Vries en Kees ‘t Hart stelden de 2019-scheurkalender ‘Schrijven en scheuren’ van Das Mag samen.

Zij selecteerden voor een dag in december op basis van het in de bundel opgenomen gedicht ‘Het sneeuwt’ van Hans Faverey. Achterop het blaadje noteerden ze onder andere:

Het dichtersduo Kila&Babsie maakte vorig jaar een toegankelijk boekwerk over poëzie, aan de hand van 24 van hun lievelingsgedichten. Bij deze van Faverey hebben ze bijvoorbeeld grappige denkvragen (‘Is het opgehouden met sneeuwen?’) en leuke weetjes (‘Faverey speelt in dit gedicht met de stijlfiguur die we paradox noemen’).

Docentenplein tipte het boek voor de Poëzieweek 2019:

Wil je in of buiten de Poëzieweek aan de slag met poëzie in de klas? Het poëzie-doe-boek woorden temmen geef je in één klap genoeg inspiratie voor de rest van het jaar!

Paula Heeger schreef op Must twee blogs over poëzie. In het eerstestuk schrijft ze:

 In Woorden Temmen – 24 uur in het licht van Kila & Babsie nemen dichters Kila van der Starre en Babette Zijlstra je mee in hun favoriete gedichten – van Annie M.G. Schmidt tot Rodaan Al Galidi. Een heel toegankelijk boek, inclusief opdrachten en uitleg. Zo leer je meer over poëzie en kun je als je wilt zelf aan de slag met schrijven. Erg leuk.

En in het tweede stuk, een uitgebreide recensie, geeft ze het boek vier sterren en schrijft ze:

[Het] doe-gedeelte vond ik eigenlijk het leukst. De auteurs geven je echt een voorzetje en trekken je per opdracht meer in het gedicht, waardoor je het beter gaat begrijpen en spontaan zin hebt om zelf te gaan schrijven. Ik wel, in ieder geval. Sommige gedichten waren niet zo mijn smaak, maar door de opdrachten te doen kon ik ze later toch waarderen. Wat ook meehelpt is dat er in elk gedicht iets zit dat wordt uitgelicht – bijvoorbeeld hoe een witregel heel veel kan zeggen, over de tijd terugspoelen met woorden of klinkerrijm. Kortom: ik ben enthousiast. Het boek krijgt 4 sterren van mij. Woorden Temmen is een perfect instapboek voor mensen die beginnen met poëzie lezen.

Docentenplein tipte het boek voor de Poëzieweek 2019:

Wil je in of buiten de Poëzieweek aan de slag met poëzie in de klas? Het poëzie-doe-boek woorden temmen geef je in één klap genoeg inspiratie voor de rest van het jaar!

Marcia van der Zwan schreef op Boekvinder.be een recensie over en was slechts gematigd positief:

Het dichtersduo Kila&Babsie heeft een selectie gemaakt van 24 van hun lievelingsgedichten. Elk gedicht in de bundel is gekoppeld aan een tijdstip en een locatie, zodat je elk moment, waar dan ook, met poëzie bezig kunt zijn. Een tof idee in een prachtig vormgegeven boekje, maar toch was het net niet helemaal iets voor mij.

Hannah Wolff en Kirsten de Boer schreven voor Didactief :

Voor de leerkracht biedt dit boek leuke lesideeën. Zelfs als je niets van poëzie weet of altijd dacht dat poëzie saai en stom is, is het een mooie en toegankelijke kennismaking of wellicht dé manier om je op andere gedachten te brengen.

Valerie Vaes schreef voor De Leesfabriek een recensie over ons boek:

Dit boekje is één en al bijzonderheid. Het begint eigenlijk meteen al bij het zien ervan: de uitgesneden vormen geven het boekje meteen iets extra’s en maken de lezer nieuwsgierig naar de even bijzondere inhoud.

Fieke van der Gucht schreef in Ons Erfdeel onder andere:

Bijzonder knap is hoe ze de lezer laten kennismaken met het effect van tekstritme bij het gedicht ‘Mijn kind laat mij met buitenlucht alleen’ van Eva Gerlach. Elke soort versvoet illustreren ze eerst met etenswaren: de jambe (to-MAAT), trochee (PER-zik), dactylus (BROC-co-li), anapest (man-da-RIJN) of amfibrachus (a-MAN-del) waarna ze de lezer vragen een “v” toe te kennen aan de onbeklemtoonde en een “-” aan de onbeklemtoonde lettergrepen van de etenswaren. Tot slot laten ze de lezer het metrum uittekenen boven het gedicht en zo ook de gevallen van “antimetrie” ontdekken, waarvan ze vervolgens de betekenis toelichten. Op een toegankelijke manier leren lezers zo om verder te gaan dan een oppervlakkige lezing.

Sylvie Marie schreef voor Deus Ex Machina:

[…] wat een rijkdom aan creativiteit zit er in die pagina’s vervat! Het begint al bij de vorm van de uitgave. Die is niet rechthoekig of vierkant zoals 99,9 procent van de andere boeken, maar in de vorm van een trapezium. Superhandig, want je ziet het meteen staan in je boekenkast, bovendien werkt de bijgeleverde bladwijzer perfect wanneer je hem in de tegenovergestelde richting gebruikt. Nooit meer een bladwijzer die je niet vindt omdat hij tussen de bladzijden door is gezakt.
[…] Zo vind je er het gedicht ‘Het sneeuwt’ van Hans Favery in terug, ‘Het sneeuwt’. […] Een heel eenvoudig gedicht dat meteen chameert en binnenkomt. Kila en Babsie wijzen echter op de witregels (weet), op het contrast tussen niet sneeuwen en wel sneeuwen (denk), op het overlopen van de titel in de tekst (lees). Ze laten je herinneringen ophalen aan momenten in de sneeuw (doe) en stellen de vraag: ‘Wat kan er in het echt niet tegelijkertijd gebeuren maar in een gedicht wel? Welke twee gebeurtenissen laat jij samenkomen in taal?’ (schrijf)
woorden temmen heeft vooral als doel de ongeoefende lezer en schrijver op weg te zetten, maar kijk, dergelijke uitdagingen wil zelfs een – ahum – échte dichter wel eens aangaan. Ook als schrijfdocent haalde ik het boekje al meermaals boven.